Het kweken en verzorgen van bladsprietkevers
Categorie: Inverts Auteur: BobbyCetoninae Forum
Eerst even een inleiding. Er zijn meer dan 500.000 soorten kevers. Het is natuurlijk onmogelijk al deze soorten per soort te behandelen en daarom zal ik me beperken tot een familie: Scarabaeidae, de bladsprietkevers. Dit is de meest gehouden familie onder kevers, praktisch alle kevers die in gevangenschap goed gehouden kunnen worden behoren tot deze familie. Deze familie wordt weer onderverdeeld in verschillende onderfamilies zoals Cetoninae (waartoe o.a. de geslachten Cetonischema, Cetonia en Pachnoda toe behoren), Goliathinae (waartoe o.a. de geslachten Chelorrhina, Chlorocala, Coelorrhina, Dicranorhina, Eudicella en Stephanorrhina toe behoren) en Dynastinae (waartoe o.a. de geslachten Allomyrhina, Chalcosoma, Dynastes, Megasoma en Xylotrupes toe behoren). Cetoninae en Goliathinae worden vaak rozenkevers genoemd en Dynastinae worden neushoornkevers. Er zijn nog meer onderfamilies waaronder Lucanidae en Gymnetinae maar deze zijn wat lastiger te houden en met name lastiger te kweken daarom zal ik in deze care sheet alleen de onderfamilies Cetoninae, Goliathinae en Dynastinae behandelen die globaal gezien op eenzelfde wijze gehouden kunnen worden.

Pachnoda sinuata
Uiterlijk
Bladsprietkevers zijn te onderscheiden van
andere kevers
door met name hun antennes, het belangrijkste orgaan van
bladsprietkevers.
Ze speuren er eten mee op en vinden er soortgenoten mee.
Rozenkevers zijn plomp gebouwd en bezitten vaak felle
kleuren,
qua grootte varieren ze, van de kleine Hoplia's tot de
reuzen
van het geslacht Goliathus. Over het algemeen zijn ze
echter een
centimeter of 2-4. Bij de neushoornkevers is het eerder
regel
dan uitzondering dat ze groot worden maar ook hier kan
de lengte
varieren, van de kleine Phyllognathus tot de reusachtige
Dynastes
en Megasoma. Neushoornkevers zijn doorgaans saai
gekleurd, zwart/bruin
ook hier zijn er uitzonderingen zoals Golofa soorten en
Dynastes
tityus. De saaie kleuren worden overigens goed gemaakt
door hun
imposante grootte en met name, zoals hun naam al doet
vermoedden,
hun hoorns. Bij Dynastes soorten groeien de hoorns het
grootst
en is soms net zo lang als het lichaam.
Huisvesting
Ze zijn gemakkelijk te huisvesten, het
mooiste
is natuurlijk een glazen terrarium of een oud aquarium.
Belangrijk
is dat de kevers een dikke laag substraat nodig hebben
en dat
is soms bij een terrarium nogal een probleem omdat de
opvulhoogte
van sommige bakken dit niet toe laat. Bij oude aquariums
is dit
uiteraard niet van belang. De dikte van het substraat
hangt af
van de grootte van de kever soort die je wilt gaan
houden. Bij
kleine soorten als Chlorocala en Pachnoda voldoet zo'n
10 cm grond,
bij de grotere neushoornkever soorten moet deze zo'n 20
cm dik
zijn. Het moet zo dik zijn omdat de vrouwtjes hun eieren
begraven
in het substraat en de keverlarven leven tot hun
metamorfose tot
kever in het substraat. Waar moet het substraat uit
bestaan, het
beste is pure hummus uit het bos. Je gaat naar een
loofbos, het
liefste een slecht onderhouden zodat er veel dood hout
en dood
blad te vinden is, en gaat graven. Net onder de laag met
dode
bladeren vind je de hummus laag, dit is een laag met net
ontbindende
en rottende bladeren, het hoofdvoedsel voor de
keverlarven. Eventueel
kun je ook hele dode bladeren erdoor mengen, dat vinden
de larven
wel. Thuis gekomen kun je dit meteen in de bak doen, er
zullen
inderdaad dieren zijn meegekomen uit het bos maar dit is
over
het algemeen geen probleem, de kevers en de keverlarven
ondervinden
er geen hinder van. Andere substraat soorten als
potgrond, turf
en cocoshummus kunnen maar dan is het absoluut
noodzakelijk dat
er rottende bladeren doorheen gemengd zijn. Potgrond,
turf en
cocoshummus hebben van zichzelf niets dat eetbaar is
voor de larven.
Als je dit gebruikt in je terrarium kan ik je ook
aanraden om
dit alleen als legsubstraat te gebruiken en gewoon eens
per maand
de larven over te zetten naar een larve bak en ze daar
in pure
bladhummus te laten rondkruipen en groot te laten
worden. Een
larve bak kan gewoon een simpele curver zijn met in elke
zijkant
drie leine gaatjes geboord en verder lekker vol met
bladhummus
en eventueel grote stukken (wit)rot hout.
Als het substraat in de bak zit kun je eventueel erop nog enkele stukken hout leggen voor de kevers, dit maakt het lopen wel makkelijker voor ze en als ze op hun rug liggen komen ze sneller weer overeind. Eventueel kun je voor de verdere aankleding nog denken aan kunstplantjes, echte plantjes worden van onderaf aangevreten door de larven, zullen niet goed groeien doordat je ook regelmatig naar larven moet zoeken en met name de neushoornkevers slopen zo'n plant binnen een nacht.
De temperatuur moet rond de 25 graden liggen overdag en mag 's nachts niet onder de 18 komen. Voor de dagactieve rozenkevers is het met name belangrijk dat er licht aanwezig is in het verblijf. Zonder licht zullen ze zich niet voortplanten en geen interessant gedrag vertonen. Voor de neushoornkevers is licht niet zo belangrijk, zij zijn in de nacht actief. De luchtvochtigheid mag niet onder de 60% komen, hoe vaak je moet sproeien is niet te zeggen, het is in ieder geval belangrijk dat de bodem niet uitdroogt, dat zou fataal zijn voor de eieren en voor de larven.
Voeding
Erg makkelijk, ze eten het liefste zacht fruit zoals
banaan, met
name de neushoornkevers zijn verzot op banaan. De
rozenkevers
zijn iets minder kieskeurig en eten ook andere soorten
fruit als
peer, appel en zelfs groente als andijvie. De larven
eten zoals
ik al eerder aanhaalde rottende planten resten, rottende
bladeren
en rot hout. Ook zullen ze graag fruit en groente eten.
En met
name de larven van de neushoornkevers eten ook graag
geweekte
kattenbrokjes. Je vult een schaaltje met water, doet
daar de brokjes
in en als ze lekker zacht zijn graaf je ze in in het
substraat.
Niet te veel, dat is niet goed voor de larven en kunnen
zelfs
sterven aan te veel proteine. Gaan de brokjes
schimmelen, dat
is niet zo'n probleem, zolang niet de hele bak
''behaard'' raakt.
![]() |
![]() |
![]() |
|
Kevers aan het eten, van links naar rechts, Pachnoda sinuata, Chlorocala africana oertzeni en Eudicella smithi bertherandi.
Voortplanting
Meestal koop je de kevers als larve. Een kever begint
zijn leven
als L1 larve, dit betekent dat hij in het eerste larve
stadium
zit. Na verloop van tijd vervelt hij tot L2 en later
weer tot
L3. Eenmaal L3 duurt het een tijdje, in L3 groeien de
larven niet
meer maar eten wel heel veel, na een tijd bouwt hij een
cocon
van fijngekauwd materiaal. In de cocon vervelt hij tot
pop, dan
duurt het, afhankelijk van de soort (bij kleine soorten
duurt
het een maand en bij de grotere soorten wel drie
maanden), tot
hij weer vervelt, voor de laatste keer en dat is de
transformatie
tot kever. Dan blijft hij nog een tijdje in de cocon om
te drogen
en komt dan te voorschijn. Eenmaal tevoorschijn gekomen
beginnen
de kevers als snel met voortplanten. Ze paren meest
ondergrond
maar ook vaak genoeg bovengronds, het vrouwtje begraaft
de eitjes
in het substraat en daar komen ze na een week ongeveer,
bij grotere
soorten uiteraard langer, uit. En hier begint de cyclus
opnieuw.
Belangrijk is dat bij de rozenkevers licht aanwezig is,
anders
zal de voortplanting niet to heel traag verlopen.
Pop van een Xylotrupes gideon man, meestal verpoppen ze in een cocon maar deze koos ervoor om aan de oppervlakte te verpoppen.
Wat te doen met de larven, bij de kleinere soorten
kunnen de
larven makkelijk in de kweekbak blijven maar bij de
grotere soorten
is het aanbevelenswaardig steeds de larven uit het
substraat te
halen en in aparte larvenbakken op te kweken tot kever.
De reden
hiervoor is dat anders de vrouwtjes de eitjes
beschadigen en de
larven zijn bij sommige soorten kannibalistisch (en
dienen dus
elk een aparte bak te krijgen).
Geslachtsonderscheid is bij de grotere soorten
makkelijker te
zien als bij de kleintjes. Bij de rozenkevers is de
algemene regel
dat mannetje een groef hebben in hun achterlijk (zie
foto), vrouwtjes
hebben dat niet. Bij Goliathinae is het makkelijker te
zien want
daar hebben de mannetjes naast zo'n groef ook nog
hoorntjes. Bij
Dynastinae is het het makkelijkst, vrouwtjes lijken
eigenlijk
totaal niet op de mannetjes. Mannetjes hebben een
imposant gewei
en vrouwtjes niet, ook zijn vrouwtjes vaak doffer van
kleur.

Eudicella smithi bertherandi man (let op de groef in
het achterlijf
en het gewei)

koppel Xylotrupes gideon, boven de man en onder de
vrouw.
Afweer
De kevers moeten het voornamelijk hebben van hun pantser
maar
ze hebben nog een ander leuk truukje als je ze lastig
valt, op
je hand poepen. De ontlasting is erg waterig en stinkt
een uur
in de wind, ook kunnen ze het weg schieten, al is het
niet zo
ver. Verder hebben de neushoornkevers ook nog hun hoorns
om zich
te verweren al zijn het over het algemeen goedzakken. De
larven
zijn helemaal vrij weerloos en hebben alleen hun kaken
om zich
te verweren. Nu is dat bij de kleine soorten geen
probleem, deze
zijn niet aggressief en te kleine kaakjes maar er zijn
enkele
soorten die erom bekend staan aggressieve larven te
hebben, bijvoorbeeld
Chalcosoma, Chelorrhina en Goliathus larven al spannen
de Chalcosoma's
de troon. In ene buigen ze zich samen om je te bijten en
laten
niet snel meer los.
Beginnen
Als je wilt beginnen met kevers doe je er het beste aan
te beginnen
met larven. Als je volwassen kevers koopt is dat
natuurlijk heel
leuk maar je weet niet hoe oud de dieren zijn en straks
liggen
ze binnen de korste keren op hun rug. Goede beginners
soorten
zijn Pachnoda marginata peregrina, Pachnoda aemula,
Pachnoda sinuata,
Chlorocala africana ssp, en Eudicella soorten. Als je
wilt beginnen
met neushoornkevers kun je het beste eerst ervaring
opdoen met
wat rozenkever soorten, het vergt toch wat meer
"fingerspitzengefühl"
dan rozenkevers. Een goede beginners neushoornkever is
Xylotrupes
gideon, de ontwikkeling duurt niet zo lang als bij
andere soorten,
12 maanden precies duurt de ontwikkeling van L1 larve
tot imago
en stelt niet zulke hoge eisen.
Ten
slotte
Al met al lijkt het heel makkelijk en de waarheid is,
het valt
op zich ook wel mee maar er is een ding dat je in je
achterhoofd
moet houden en dat is geduld. Geduld is naar mijn mening
alles
in deze tak van de hobby, sommige mensen vinden de
ontwikkelijk
van een Pachnoda larve tot kever al te lang duren, laat
die mensen
alsjeblieft niet beginnen aan de grotere soorten en dan
met name
de Dynastinae, neushoornkevers. De ontwikkeling kan bij
Dynastes
soorten zo drie jaar duren en de volwassen kever leeft
maar vier
maanden. Als je nog steeds vragen hebt dan kun je me
gerust een
mailtje sturen dan zal ik kijken wat ik voor je kan
doen.



