Inleiding in de Genetica
Categorie: Overig Een onderwerp wat veel mensen lastig vinden is genetica. Echter, waneer je zelf met reptielen gaat kweken zul je al snel te maken krijgen met bepaalde kleurslagen. Wanneer je zelf van plan bent om te gaan kweken met kleurslagen is het handig om iets af te weten van genetica, als is het maar een kleine basis. Ik zal hier proberen het op een simpele manier uit te leggen met een aantal voorbeelden.De basis
Een ieder heeft ongetwijfeld wel eens gehoord van de
term “genen”.
Ieder organisme heeft genen in de celkernen. Deze genen
bepalen
de eigenschappen voor ons uiterlijk, bijvoorbeeld of we
blauwe
of bruine ogen hebben, krullend of stijl haar etc. Deze
genen
liggen op de zogenaamde chromosomen. Ieder organisme
heeft chromosomenparen.
Dit wil zeggen dat elk chromosoom 2x voor komt. Alleen
de geslachtscellen
zijn hier een uitzondering op. In de
geslachtschromosomen komen
de chromosomen slechts enkel voor. Dit zorgt ervoor dat
wanneer
er twee geslachtscellen bij elkaar komen (eicel +
zaadcel) er
samen weer een volledige cel met chromosomen paren wordt
gevormd.
De eigenschappen van
chromosomen
In elk chromosomenpaar liggen eigenschappen (genen) voor
verschillende
soorten eigenschappen, het genenpaar. Elk van de genen
van een
genenpaar word een allel genoemd.
Deze allel bevat de informatie voor bepaalde
eigenschappen. Bijvoorbeeld
of je krullend of stijl haar hebt. Deze eigenschappen
worden meestal
weergegeven door letters. Omdat de genen voorkomen in
genenparen
heb je altijd twee genen voor 1 bepaalde eigenschap.
Voor 1 eigenschap
kun je 2 verschillende allelen hebben. Bijvoorbeeld 1
allel voor
krulhaar en 1 allel voor stijl haar. Welk allel
uiteindelijk tot
uiting komt hangt af van hoe “sterk” een bepaald allel
is. “Sterke” allelen worden ook wel dominant genoemd.
“zwakkere” allen worden recessief genoemd. Dominante
genen worden weergegeven met hoofdletters. Recessieve
genen worden
weergegeven met kleine letters.
Dominant en recessief
Wanneer een organisme voor een bepaalde eigenschap twee
verschillende
allelen heeft, bepaald de dominantie van de allelen
welke eigenschap
uiteindelijk tot uitting komt in het individu. De
makkelijkste
vergelijking is met albino dieren. Albino is een
eigenschap die
altijd recessief is. Wanneer een dier dus een gen heeft
voor het
wildkleurtype (de standaard) en een gen voor albino zal
het dier
er altijd uitzien als een wildkleur. Verder op staat hoe
je kunt
rekenen met deze genen wanneer je verschillende soorten
ouderdieren
met elkaar vererft.
Heterozygoot/homozygoot
En dier dat voor een bepaalde eigenschap 2 verschillende
soorten
allelen heeft (bijvoorbeeld wildkleur en albino) wordt
heterozygoot
genoemd. Een dier dat voor een bepaalde eigenschap 2
dezelfde
allelen heeft wordt homozygoot genoemd (bijvoorbeeld 2x
het albinogen)
Waneer er dus in een advertentie staat dat het heterozygoot dier voor albino betreft houd dit in dat het dier wel de albino genen bezit, maar dat dit een recessief eigenschap is. In het volgende artikel staat hoe je dit dier vervolgens weer met andere dieren kunt verkruizen om toch weer een albino te krijgen.
